Verschillen tussen zoutwaterparels en zoetwaterparels
Zoutwaterparels
zijn parels die gevormd worden door oesters. Oesters zijn
zoutwaterdieren. De parels die gevormd worden door zoetwaterdieren,
slakken en mossels, heten zoetwaterparels. Zowel zoetwater- als
zoutwaterparels worden gekweekt
Algemeen gesteld, zijn
zoetwaterparels veel vriendelijker geprijsd dan hun zoute zusjes. Dit
komt enerzijds doordat de kweekmethode aanzienlijk goedkoper is,
anderzijds doordat een oester in de oogstperiode 1, hooguit 2 parels
kan aanmaken. Voor de mossel geldt dat die in dezelfde periode wel 20 -
60 parels kan produceren!
De samenstelling van zoetwater- en
zoutwaterparels verschilt. Zoetwaterparels bestaan geheel uit
paarlemoer, terwijl hun zoute zusjes bestaan uit een ronde kalkbol met
daaromheen een laagje paarlemoer, dat vaak niet dikker is dan een halve
millimeter.
De vorming van parels
Zoetwaterparels ontstaan in mossels, die in meren worden gekweekt.
Het
kweken van de meeste zoetwaterparels gebeurt door gebruikmaking van een
weefselimplantaat. Dit weefsel is afkomstig van een andere mossel dan
die welke de parel gaat produceren, en bestaat uit een stukje
epitheelweefsel, dat uit de wijde vlezige mantel van de mossel wordt
gehaald.
Deze epitheelcellen hebben als natuurlijke functie, de
productie van paarlemoer. Zodra het stukje epitheelweefsel van de
vreemde mossel in een incisie in de mantel van de andere mossel is
aangebracht, begint deze laatste mossel met het inkapselen van dat
vreemde stukje weefsel. Als dat inkapselen is voltooid, bevindt het
weefsel zich dus in een soort zakje waarin de parel zal worden gevormd;
het parelzakje.
Daarna, begint dit parelzakje een laagje conchioline
(een soort brandzalf, die tevens dienst doet als metselspecie voor de
laagjes aragoniet) af te zetten en vervolgens een laagje aragoniet (een
kristalvorm van calciumcarbonaat). Dan weer een laagje conchioline en
een laagje aragoniet-kristallen en zo voort en zo verder.
Zo vormt
zich om het geïmplanteerde stukje epitheelweefsel een parel. Deze parel
bestaat dus geheel uit laagjes van conchioline met aragonietkristallen.
Gedurende
het proces van inkapselen verteert het oorspronkelijke stukje
epitheelweefsel meestal, vandaar dat men ook wel eens van 'kernloze'
zoetwaterparels spreekt.
Dit in tegenstelling tot gekweekte
zoutwaterparels, die een laagje paarlemoer aanbrengen om een kern heen.
Dit laagje is slechts enkele tienden van millimeters tot één à twee
millimeter dik. Sommige mensen beweren dan ook dat zoetwaterparels een
diepere glans, luster, vertonen.
Vorm van de parels
Door
het verschil in vorming tussen gekweekte zoetwater- en gekweekte
zoutaterparels bestaat ook een verschil in vorm. Omdat er bij
zoutwaterparels, in de oester een mooie bol kalk, met een diameter van
ongeveer 7 mm., wordt ingebracht, heeft die oester dus een prachtige
mal als voorbeeld, waaromheen het paarlemoer kan worden afgezet.
Gekweekte zoutwaterparels zijn daarom vaak ronder dan gekweekte
zoetwaterparels.
Omdat de zoetwatermossel al parels gaat aanmaken
bij het inbrengen van een stukje weefselvreemd epitheel, dus zonder dat
er een voorwerp van kalk wordt ingebracht, ontbeert die zo’n mooie mal.
En waarom zou het beestje uit zichzelf een mooie ronde parel gaan
maken? Het gebeurt wel, maar veel zeldzamer.
Anderzijds komen bij
het verteren van het ingebrachte stukje epitheelweefsel gassen vrij,
die proberen te ontsnappen, waardoor er drukverschillen in de parelzak
ontstaan die ook voor vervormingen kunnen zorgen.
Mooie ronde
zoetwaterparels zijn er dus wel degelijk al zijn ze niet zo vriendelijk
geprijsd als de grillige ‘barok’ parels omdat die laatste dus veel
vaker voorkomen.
Wilde parels
Ongekweekte
zoutwaterparels, die ook wel ‘wilde’ of ‘natuurlijke (habitat)’ parels
worden genoemd, hebben, evenals gekweekte zoetwaterparels, heel vaak
een grillige vorm.
Zoals we hiervoor reeds vermeldden, gaat een
oester een parel aanmaken als een binnendringer de huid beschadigt.
Deze binnendringer is in de natuurlijke habitat van de oester meestal
een krabbetje; een worm of een stukje zeewier of iets dergelijks.
Omdat
tijdens het proces van aanmaken van de parel, zo’n organische
binnendringer dikwijls geheel vergaat (in ontbindingsgassen opgaat),
heeft de natuurlijke parel dus ook vaak geen kern (meer), net als de
gekweekte zoetwaterparel. Daarom lijken die twee soorten parels zo veel
op elkaar, dat laboratoriumonderzoek nodig is om het verschil te kunnen
vaststellen!
Landen van herkomst
Zoetwaterparels worden
gekweekt in de werelddelen op het Noordelijk halfrond en
zoutwaterexemplaren in die op het Zuidelijk halfrond.
De belangrijkste landen waar zoetwaterparels worden gekweekt zijn: China; Japan en Amerika
De
belangrijkste landen waar zoutwaterparels worden gekweekt zijn: De
Polynesische eilanden (Thailand; Frans-Polynesië); Australië;
Nieuw-Zeeland, Indonesië en Japan.
Japan is het land waar men het
kweken van echte ‘vrije’ parels heeft ontdekt en geoptimaliseerd. Een
zeker meneer Mikimoto is daarmee begonnen, zo rond 1913. De gekweekte
Japanse zoutwaterparels worden ‘Akoya’ parels genoemd.
Zoetwaterparels
werden in Japan gekweekt in het Biwa-meer, bij Kyoto, de zogenoemde
Biwa-parels. Nu is dat meer te vervuild geraakt om er nog parels te
kunnen kweken. Japan kweekt sinds kort weer zoetwaterparels in het
Kasumigaura-meer bij Tokyo; de zogenoemde Kasumiga-parels.
Gekleurde parels
De
vele kleuren bij zoetwaterparels zijn deels echt of natuurlijk (de
zachtere tinten, zoals Zalmkleurig; Roze en Wit) deels door middel van
straling (Laser en/of Gammastraling) beïnvloed (de wat hardere donkere
kleuren, zoals bruin; blauw; blauwzwart; goudkleurig; (brons)groen
e.d.) en deels geverfd (de lichtere onnatuurlijk aandoende kleuren
zoals fel lichtblauw e.d.). Van de niet geverfde parels zijn de kleuren
dus door- en-door; het kan er niet afslijten. Van de geverfde parels
kan het er wel degelijk afslijten.
Verzorging van parels
Parels
zijn niet goed tegen parfum; of haarlak bestand. In feite zijn alle
zuren uit den boze, omdat paarlemoer een kalkverbinding is en kalk kan
niet tegen zuur! Dus alles wat uit een spraybus komt is een kwalijke
zaak voor parels en u doet er dus het beste aan om eerst alles aan
make-up op te brengen, dit ongeveer vijftien minuten te laten
‘intrekken’ en pas dan uw parelsieraden om te doen.
Ook
transpiratievocht is nadelig voor de glans. Dit kunt u af nemen met een
in lauwwarm water gedrenkt en uitgewrongen katoenen doekje.
Parels houden van de buitenlucht. Ze hebben namelijk een klein beetje vocht nodig en buitenlucht heeft dat in toereikende mate.
Parels houden ook van u. Uw natuurlijke huidvet zorgt voor een mooi luster.
Draag uw parels dus vaak.